Door de introductie van de online eKantonrechter, die geschillen tussen burgers en bedrijven behandelt, kan iedereen een rechtszaak via de lees meer …
Categorie: incasso
Incasso en Conservatoir beslag
Incasso van een vordering is soms letterlijk een langdurig proces. Om een debiteur tot betalen te dwingen moet de schuldeiser eerst een advocaat of deurwaarder inschakelen. Gaat de debiteur ook na sommatie niet over tot betalen, dan zal een betaling moeten worden afgedwongen door een vonnis.
Om een vonnis te krijgen moet er toch een hele procedure worden doorlopen. Een dagvaarding moet worden opgesteld, termijnen in acht genomen, en de doorlooptijden bij rechtbanken zijn lang.
In de tussentijd is de debiteur soms al vertrokken, failliet, of heeft al zijn vermogen gespendeerd. Conservatoir beslag biedt echter mogelijkheden.
Een crediteur kan echter al voordat er wordt geprocedeerd, of zelf voordat is gesommeerd, beslag leggen op goederen van de debiteur. Dit noemt men een conservatoir (bewarend) beslag. Dit geeft de eiser zekerheid dat de debiteur ook na een lange periode nog verhaal biedt voor zijn vordering. Lees hier verder ……
De eenzijdige beëindiging van een betalingsregeling
De eenzijdige beëindiging van een betalingsregeling
Schuldeisers sluiten vaak een betalingsregeling met hun debiteur – Een betalingsregeling is een gewone overeenkomst, die beide partijen dienen na te komen en niet kan worden opgezegd zolang de debiteur aan zijn betalingsverplichting voldoet.
Zolang dus de debiteur de regeling nakomt en trouw betaald kan de schuldeiser geen snellere afbetaling vragen of ineens de gehele vordering opeisen. Of toch wel?
Stel dat u met uw debiteur, die in financiële moeilijkheden zit een betalingsregeling afspreekt van EU 1000,- euro per maand, omdat het inkomen onvoldoende is. De schuld is dan niet meer ineens opeisbaar zolang de debiteur deze nakomt.
Maar stel dat uw debiteur inmiddels zijn inkomen weer heeft verdubbeld, bent u dan nog gebonden aan deze regeling?
Volgens het Hof Amsterdam niet: Onder omstandigheden kan worden geoordeeld dat van de schuldeiser in redelijkheid niet kan worden verlangd dat deze met de ongewijzigde betalingsregeling genoegen blijft nemen.
Zo`n omstandigheid doet zich voor indien de financiële situatie van de schuldenaar na de totstandkoming van de betalingsregeling sterk is verbeterd.
Het Hof Amsterdam oordeelde in een uitspraak in 2013 dat de schuldeiser in het desbetreffende geval aanpassing van de betalingsregeling kon verlangen. De oude regeling was een schuld van EUR 18.000,-. met EUR 50,- per maand. Meer kon deze schuldeiser niet missen. Na enige tijd stond de debiteur er financieel beter voor en de schuldeiser om meer aflossing. De schuldenaar beriep zich echter op de betalingsregeling.
Het Hof oordeelde:
“Gezien de hoogte van de overeengekomen afbetalingstermijnen enerzijds en de nog verschuldigde hoofdsom anderzijds, was totale aflossing van de schuld niet binnen afzienbare tijd te verwachten. De financiële positie van klager was voorts aanzienlijk verbeterd. Klager heeft ook niet betwist dat hij tot hogere aflossingen in staat was. ”
Lees hier de uitspraak van het Hof
Op grond daarvan vond het Hof het geoorloofd dat een gewijzigde, snelere betaling, van de debiteur kon worden gevergd. Voor schuldeisers is het, afgezien van deze uitspraak, natuurlijk belangrijk om altijd in de betalingsregeling overeen te komen dat de regeling kan worden herzien (herzieningsclausule), indien de financiële situatie van de debiteur wijzigt.
– De Appvocaat: rechtshulp zonder advocaat
De Appvocaat: rechtshulp zonder advocaat
Stel, u bent al enige tijd verwikkeld in een juridisch geschil met uw buren. Zij halen u het bloed onder uw nagels vandaan en u bent het zat. U wilt graag een oplossing voor dit probleem, maar een advocaat in de arm nemen vindt u een stap te ver. Hoewel het voor u misschien ondenkbaar lijkt, is niet voor ieder juridisch probleem de hulp van een advocaat nodig. Veel juridische vraagstukken kunt u, met behulp van de juiste organisatie of instantie en met goede informatie, zelf oplossen. De Appvocaat is een app speciaal gemaakt voor dit soort gevallen. Deze app biedt u de mogelijkheid om zonder dure rechtshulp een oplossing te vinden voor uw juridische probleem of geschil. Lees meer ….
rechtshulp voor Nederlandse expats | Advocaten.nl
Woont u in het buitenland en zoekt u een advocaat in Nederland?
Zit u permanent of voor langere tijd in het buitenland, en hebt u in Nederland een advocaat nodig? Advocaten.nl maakt het mogelijk. Via het formulier meldt u zich eenvoudig aan voor advies, rechtsbijstand of procesondersteuning. Alle diensten worden verleend door een advocaat. Door middel van een protocol verifiëren wij uw identiteit, en kunnen wij u vertegenwoordigen, ook indien u niet in staat bent om naar Nederland te reizen en ons te bezoeken.
Communicatie wordt gevoerd via email, skype, fax of telefoon en op elk moment van de dag.
Lees meer …
Incasso van geldvorderingen
Op 1 juli 2012 is de Wet normering buitengerechtelijke incassokosten in werking getreden. De wet beschermt de consument tegen onredelijk hoge, buitengerechtelijke incassokosten. Er is sindsdien een wettelijk regime dat de maximale hoogte van de incassokosten bepaalt.
lees verder . . .
Ruimere mogelijkheden opsporing faillissementsfraude
Ruimere mogelijkheden om faillissementsfraude op te sporen
Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie verruimt de strafrechtelijke mogelijkheden om effectiever en harder op te treden tegen frauduleuze faillissementen. Verder maakt hij werk van de bestrijding van bewust onbehoorlijk ondernemerschap, dat een bedrijf te gronde kan richten en grote…
lees verder . . .
Als de VOF plof doet ben je ook aansprakelijk als andere vennoot administratie deed
Aansprakelijk voor handelen of nalaten medevennoot in een VOF
Belanghebbende heeft gesteld dat zij niet als bestuurder aansprakelijk kan worden gesteld omdat zij in goed vertrouwen de boekhouding en de financiële administratie aan haar mede-vennoot heeft overgelaten.
Dit vertrouwen bleek niet gerechtvaardigd, omdat zij de fiscale verplichtingen niet is nagekomen. Toen heeft belanghebbende haar verantwoordelijkheid willen nemen door inzage in de financiële administratie te vorderen, maar is dit nog wel op tijd? Zij heeft vervolgens gesteld dat het niet aan haar te wijten is dat de verschuldigde belasting niet is voldaan en dat dit aan aansprakelijkstelling in de weg staat.
Invorderingskosten bij betalingsachterstanden
Nieuw: invorderingskosten bij betalingsachterstanden
Zeker in een financiële crisis zijn betalingsachterstanden aan de orde van de dag. Op basis van Europese regelgeving is op 16 maart 2013 een wetswijziging ingevoerd die maakt dat de manier waarop contractspartijen en adviseurs naar betaling en betalingsachterstanden (moeten) kijken is veranderd. Die heb ik eerder gehoord, zal de oplettende lezer denken, terwijl later bleek dat de soep toch iets minder heet gegeten werd. Ditmaal is het daadwerkelijk waar. Wat is er veranderd?
Om paal en perk te stellen aan de door de wetgever gesignaleerde oplopende betalingsachterstanden is de bestaande wetgeving aangepast. Een nieuw wetsartikel bepaalt ten aanzien van overeenkomsten waarbij beide contractspartijen zakelijk actief zijn, dat indien de schuldenaar die een betalingstermijn laat verlopen, deze zonder aanmaning onmiddellijk een bedrag voor invorderingskosten van ten minste 40 euro verschuldigd is. De bepaling geldt uitsluitend indien de schuldenaar een onderneming of een overheid is. Voor consumenten is een uitzondering gemaakt.
Lees verder “Invorderingskosten bij betalingsachterstanden”
veroordeling niet exact is nagekomen: dwangsom verbeurd?
Een dwangsom is een effectief middel om een veroordeling te effectueren. Indien niet aan het vonnis wordt voldaan of een verbod wordt overtreden, kan een dwangsom worden verbeurd
Na het vonnis dient dit eerst te worden betekend, en vervolgens dient de dwangsom daadwerkelijk te worden aangezegd. Pas daarna kan een dwangsom ook worden verbeurd, mits vaststaat dat de veroordeelde partij in overtreding van het vonnis is. Toch is ook na zo`n overtreding niet vast dat die dwangsom ook werkelijk verschuldigd is.
Dit blijkt uit een beslissing van de voorzieningenrechter in Almelo. In deze beslissing (ECLI:NL:RBONE:2013:BZ0324) ging het om de partijen Privatescan B.V. en Prescan B.V., beide aanbieders van preventief medisch onderzoek. In een eerdere procedure had de rechtbank ’s-Gravenhage de eigenaar van Privatescan, hierna A, bevolen om de mededeling “Privatescan is marktleider” te staken en gestaakt te houden, onder verbeurte van een dwangsom met een maximum van € 250.000,-.
Op het LinkedIn profiel van de eigenaar van Privatescan stond ondanks de betekening van het vonnis toch nog gedurende enige tijd de slagzin “Privatescan is marktleider”. Prescan maakte vervolgens aanspraak op de dwangsom en legde beslag op bezittingen van A. Deze heeft vervolgens Prescan in kort geding gedagvaard (in een zogenaamd executiegeschil) en heeft staking van de executie en opheffing van de beslagen gevorderd. Hij voert in dit geschil onder andere aan dat dwangsommen nooit zijn verbeurd omdat de vermelding op het LinkedIn profiel geen overtreding van het vonnis is.
De voorzieningenrechter dient dus het plaatsen van deze slagzin te toetsen aan de inhoud van de veroordeling van het vonnis van de rechtbank. Uitgangspunt hierbij is dat de veroordeling niet verder strekt dan tot het bereiken van het daarmee beoogde doel. Het doel van dit eerste vonnis van de rechtbank is misleiding bij de consument dient te worden voorkomen. Omdat het LinkedIn profiel van A met daarop de verboden slagzin toegankelijk is voor iedereen, en dus ook voor consumenten toegankelijk is, is het vonnis in principe overtreden.
Volgens de Kort geding rechter is het echter de vraag of deze overtreding, met inachtneming van de eisen van redelijkheid en billijkheid, voldoende ernstig is om te rechtvaardigen dat daardoor dwangsommen zijn verbeurd. In de eerste procedure is het geschil vooral toegespitst op artikelen die op websites van partijen waren geplaatst, en niet op profielen van Social Media, waaronder die van LinkedIn. Volgens de rechter ligt het niet voor de hand dat consumenten dat profiel van A bezoeken en is dus die overtreding van zodanig ondergeschikte betekenis dat er door de overtreding geen dwangsommen zijn verbeurd. De Voorzieningenrechter wijst de vorderingen van A toe, en de executie diende te worden gestaakt en het beslag diende te worden opgeheven.
Volgens de Voorzieningenrechter is er wel sprake van een overtreding maar deze overtreding is niet ernstig genoeg om het verbeuren van dwangsommen te rechtvaardigen. De beslissing is mogelijk in strijd met de regel dat de bevoegdheid om een dwangsom op verzoek van de veroordeelde partij op te heffen of te matigen exclusief ligt bij de rechter die de dwangsom zelf heeft opgelegd (de rechtbank ’s-Gravenhage). De Voorzieningenrechter grondde zijn beslissing op de redelijkheid en billijkheid.