U bent onterfd: ontvangt u niets of de legitieme?

De wet geeft een kind dat is onterft enige bescherming. Artikel 4:63 BW bepaalt dat een kind een vordering heeft, de legitieme portie, en dat dit een vordering in geld is. Een legitimaris wordt dan een schuldeiser van de nalatenschap. Hij heeft geen recht op goederen, zoals een schilderij, maar kan alleen betaling in geld vorderen.

Veel babyboomers staan op het punt dat zij gaan denken over hun nalatenschap en hun erfgenamen, de kinderen. Indien de relatie tussen ouder en kind te wensen over laat, kiezen zij er soms voor om een kind te onterven. In beginsel betekent onterven dat het kind niets erft. Het erfdeel van de onterfde wast aan bij de overige erfgenamen. Onterven kan uitsluitend door dit in een testament te bepalen.

Het onterfde kind is geen erfgenaam

Een kind dat is onterfd heet een legitimaris. Ook het kind van een onterfde, die de nalatenschap verwerpt, is een legitimaris. De wet geeft de legitimaris wel enige bescherming. Artikel 4:63 BW bepaalt dat een kind een vordering heeft, de legitieme portie, en dat dit een vordering in geld is. Een legitimaris wordt dan een schuldeiser van de nalatenschap. Hij heeft geen recht op goederen, zoals een schilderij, maar kan alleen betaling in geld vorderen.

Hij heeft daarmee gelijke rechten als andere schuldeisers, en is dus niet betrokken bij de afhandeling van de nalatenschap. Hij is uitdrukkelijk geen erfgenaam en dient dus gewoon de afwikkeling van de nalatenschap door de erfgenamen af te wachten.

Hoe wordt vordering van de onterfde berekend?: de legitieme

De legitieme bedraagt de helft van de waarde waarover de legitieme porties worden berekend, gedeeld door het aantal in artikel 4:10 lid 1 a genoemde personen. ( artikel 4:64 lid 1BW). Eenvoudiger gesteld is de legitieme portie het gedeelte van de erfenis van de ouder waarop het kind altijd recht heeft. De legitieme portie is de helft van wat een kind zonder testament zou krijgen.

Dus als A en B drie kinderen hebben (C, D en E) en A komt te overlijden, dan zijn er 4 erfgenamen B, C, D en E die elk 1/4  erven. De kinderen hebben een legitieme van 1/2 van 1/4 , dus 1/8. Wanneer een onterfd kind dus een beroep doet op zijn legitieme heeft hij een vordering gelijk aan 1/8 van ‘de waarde waarover de legitieme porties worden berekend’. Deze waarde is de legitimaire massa.

Legitimaire massa

De legitimaire massa moet dan worden berekend aan de hand van de waarde van de goederen van de nalatenschap. Dit zijn alle goederen die er waren op de dag van het overlijden, maar daar moet bij worden opgeteld bepaalde schenkingen (giften) die de erflater tijdens leven aan erfgenamen heeft gedaan; en afgetrokken de schulden zoals genoemd in artikel 4:7 lid 1 BW.

Geschillen over de legitimaire massa

Veel geschillen ontstaan tussen erfgenamen onderling en met de legitimaris bij het vaststellen van de legitimaire massa Daarbij gaat het vaak over de vraag welke giften van de erflater in aanmerking genomen moeten worden bij het berekenen van de legitimaire massa. Zo komt het vaak voor dat een kind reeds een aanzienlijke gift ontvangt. Deze gift wordt dan door deze regeling weer `fictief ingebracht´ (inbrengplicht) , en dus als het ware weer herverdeeld. Is de gift relatief groot ten opzichte van de gehele nalatenschap dan zou dit voor het begiftigde kind een aanzienlijke vermindering van haar erfdeel kunnen betekenen. Volgens de wet wordt die erfgenaam daarmee echter niet gekort of benadeeld. Dit is nu eenmaal de wijze waarop de wet een dergelijk vermogen berekend. De waarde die overeenkomt met 1/8 deel van de legitimaire massa is dan de legitieme portie.

Inbrengplicht is afgeschaft

In het oude erfrecht (voor 1 januari 2003) werd hetgeen wat de kinderen bij leven kregen geschonken, in mindering gebracht op hun latere erfenis; de waarde van de schenking en het erfdeel werden dan met elkaar verrekend. Het kind kon alleen van deze inbrengplicht worden vrijgesteld als de ouders dat bij de schenking zelf of in een testament hadden bepaald.

Door de inbrengplicht werd de gelijkheid van alle erfgenamen gewaarborgd omdat bij de   verdeling van de nalatenschap uiteindelijk iedere erfgenaam evenveel ontving

In het erfrecht na 1 januari 2003 is die inbrengplicht in beginsel afgeschaft en geldt dat schenkingen aan kinderen die erfgenaam zijn niet hoeven te worden ingebracht in de nalatenschap van de ouder, tenzij de ouder dit ten tijde van het verrichten van de schenking of in zijn testament heeft bepaald. Indien het niet de bedoeling is dat de schenking ingebracht wordt in de nalatenschap, dan moet dat worden bepaald bij het doen van de schenking.

Wanneer eist de onterfde zijn legitieme op?

De onterfde legitimaris die een beroep doen op legitieme portie moet dat tijdig doen. Allereerst kunnen de erfgenamen (bijvoorbeeld de executeur) de legitimaris een redelijke termijn stellen. Verklaart de legitimaris binnen deze termijn niet dat hij zijn legitieme wenst te ontvangen dan vervalt zijn recht. Een verklaring dient schriftelijk te worden gedaan.

Dit geldt ook indien een erfgenaam die niet is onterfd de erfenis verwerpt. Verwerping vaan de nalatenschap kan via de griffie van d e rechtbank of bij een notaris geschieden. Gelijktijdig kan de erfgenaam zijn recht op de legitieme voorbehouden. Doet hij dat niet gelijktijdig met die verwerping dan vervalt eveneens zijn recht en ontvangt hij dus niets.

In het algemeen is een legitieme portie opeisbaar zes maanden na het overlijden. De belangrijkste uitzondering hierop is de situatie waarbij er sprake is van de zogenaamd langstlevende beding. In dat geval kan de legitimaris de legitieme portie pas opeisen bij het overlijden van de langstlevende ouder.

De uiterlijk vervaltermijn voor het opeisen van de legitieme is vijf jaar nadat de legitimaris  kennis heeft genomen van het overlijden.

Welke rechten heeft de legitimaris?

Iemand die onterfd is, hoeft niet volgens de wet niet geïnformeerd te worden. Hij moet dus zelf achter zijn geld aan. De legitimaris is immers geen erfgenaam, en hij is in beginsel ook geen schuldeiser, zolang hij geen  beroep doet op de legitieme. Daarmee komt het vaak voor dat de onterfde volledig in het duister tast. Indien hij een beroep op de legitieme doet dan zal hij wel moeten kunnen vaststellen hoe hoog zijn vordering  op de nalatenschap is

De Rechtbank Midden-Nederland heeft in een recente beslissing aangegeven op welke informatie een legitimaris recht heeft op grond van de wettelijke bepaling (4:78 BW). Dit zijn in elk geval alle gegevens om die vordering te kunnen vaststellen. Die kan de legitimaris opvragen bij een executeur en de erfgenamen.

Informatie om legitieme portie te bepalen

artikel 4:78 lid 1 BW bepaalt dat “alle daartoe strekkende inlichtingen” dienen te worden afgegeven. De informatie is dus beperkt is tot de gegevens die nodig zijn voor de berekening van de legitieme portie. De rechtbank veroordeelde in dit geval de executeur tot het verstrekken van de volgende stukken:

  • de aangifte en, zodra aanwezig, de aanslag erfbelasting;
  • bankafschriften  (of een print van de internetpagina’s) van schenkingen die 180 dagen voor het overlijden zijn verricht;
  • bankafschriften  (of een print van de internetpagina’s) van de betaal- en beleggingsrekeningen op overlijdensdatum;
  • de (voorlopige) aanslagen inkomstenbelasting voor het jaar van overlijden en het jaar ervoor.
  • informatie over giften als bedoeld in 4:67 BW;
  • informatie over levensverzekeringen en polissen;
  • WOZ beschikking van de tot de nalatenschap behorende woning.

Maar in andere gevallen kan meer of minder informatie worden verstrekt, al naar gelang de omstandigheden.

Indien dus de erfgenamen de benodigde stukken niet vrijwillig afgeven, of indien in redelijkheid kan worden betwijfeld of alle informatie correct is (achterhouden van vermogen door de erfgenamen),  kan de legitimaris op de voet van artikel 843a RV en art. 3:299 BW een verzoek bij de kantonrechter indienen om alle informatie op te vragen die nodig is voor het berekenen van de legitieme portie.  De legitimaris kan ook een verzoek bij de rechtank doen tot een verplichte notariële boedelbeschrijving.

Vrij en onbezwaard geld ontvangen

Als vaststaat dat de legitimaris recht heeft op een legitieme portie dan dient hij de legitieme  vrij en onbezwaard te ontvangen. Dat wil zeggen dat er door de erfgenamen geen voorwaarden kunnen worden verbonden aan de uitkering. Hij is immers een gewone schuldeiser van de nalatenschap.

Hebt u advies of rechtsbijstand nodig bij uw vordering jegens erfgenamen, bel dan met 0900-0600 of vul een formulier in

Stilzwijgende aanvaarding van de nalatenschap

De stilzwijgende aanvaarding gebeurt indien de erfgenaam zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud gedraagt als een erfgenaam die zuiver heeft aanvaard. Voor erfgenamen kan dit ongewilde gevolgen hebben. Voor stilzwijgende aanvaarding is immers de wil van de erfgenaam niet doorslaggevend. Aanvaarding kan dus `zomaar´ plaatsvinden.

Verwerpen of aanvaarden

Een nalatenschap kan door een erfgenaam worden verworpen of aanvaard. In het laatste geval is dat de zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving, de zogenaamde beneficiaire aanvaarding. De keuze aanvaarding of verwerping, die terug werkt tot het overlijden van de erflater is in beginsel onherroepelijk.

De zuivere aanvaarding van een nalatenschap gebeurt soms uitdrukkelijk, door middels van een akte of een verklaring bij de rechtbank, maar kan ook stilzwijgend plaatsvinden.

Stilzwijgende aanvaarding

De stilzwijgende aanvaarding gebeurt indien de erfgenaam zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud gedraagt als een erfgenaam die zuiver heeft aanvaard. Indien de erfgenaam niet al eerder zijn keuze had gemaakt, geldt dit gedrag als een onherroepelijke keuze.

Voor erfgenamen kan dit ongewilde gevolgen hebben. Voor een stilzwijgende aanvaarding is immers de wil van de erfgenaam niet doorslaggevend. Ook is niet doorslaggevend of ook de wederpartij geen enkele twijfel heeft bestaan over de vraag of de erfgenaam ondubbelzinnig en zonder voorbehoud heeft aanvaard. Aanvaarding kan dus `zomaar´ plaatsvinden.

In het arrest van de Hoge Raad van 20 juni 2014 (HR 20 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1489) wordt geoordeeld dat een nalatenschap ex art. 4:192 lid 1 BW  ook stilzwijgende kan zijn aanvaard vanwege verzet tegen verstekvonnis, waarbij erfgenamen zijn veroordeeld tot betaling aan schuldeiser van de nalatenschap.

In het vroeger geldende erfrecht bepaalde de Hoge Raad dat het afhangt van de omstandigheden van het geval of uit gedragingen van een erfgenaam de bedoeling kan worden afgeleid om de erfenis stilzwijgend te aanvaarden.

In het nieuwe erfrecht is uitdrukkelijk bepaald dat een erfgenaam, die tijdens de termijn waarin hij zich over de te maken keuze kan beheershandelingen verricht, geen daden van zuivere aanvaarding verricht. Maar dat is anders indien hij over de goederen van de nalatenschap ‘als heer en meester’ beschikt, of wanneer hij duidelijk aan de schuldeisers van de nalatenschap doet blijken dat hij de schulden van de nalatenschap voor zijn rekening neemt.  

Het geschil

Een  zorgverzekeraar had een vordering op de nalatenschap in verband met aan erflater gedane onverschuldigde betalingen voor een persoonsgebonden budget. De vordering werd tegen de erfgenamen ingesteld, die geen verweer voerden, dat de vordering bij verstek is toegewezen. In verzet bekrachtigt de rechtbank het vonnis voor het grootste deel ondanks dat de erfgenamen stellen dat zij ter griffie van de rechtbank een verklaring hebben gedeponeerd dat zij de nalatenschap verwerpen.

Ook in hoger beroep blijft het vonnis van de rechtbank grotendeels in stand. Het Hof oordeelt dat het verweer, van de erfgenamen het standpunt impliceert dat de familieleden als erfgenamen van erflater aanspraak kunnen maken op de door zorgverzekeraar onverschuldigd aan de erflater betaalde bedragen en erop is gericht om als erfgenamen te kunnen (blijven) beschikken over deze bedragen, dient te worden opgevat als een daad van stilzwijgende aanvaarding van de nalatenschap. Aan de latere verwerping van die nalatenschap komt derhalve geen betekenis meer toe.

In door de erven ingestelde cassatieberoep wordt de vraag gesteld of het hof mocht oordelen dat aan de verwerping van de nalatenschap geen betekenis meer kon toekomen, omdat de nalatenschap moet worden geacht reeds voordien stilzwijgend te zijn aanvaard. In dit verband had het hof betekenis gehecht aan het gedane verzet en het in die procedure door erfgenamen ingenomen standpunt. De Hoge Raad beantwoordt deze vraag bevestigend.

In zijn arrest van 26 april 1968, NJ 1969/322 nam de Hoge Raad tot uitgangspunt dat het antwoord op de vraag, of uit de gedragingen van een erfgenaam de bedoeling kan worden afgeleid om de erfenis stilzwijgend te aanvaarden, afhangt van de omstandigheden van het geval. De Hoge Raad voegt hieraan voor het nieuwe erfrecht toe:

“Opmerking verdient dat de enkele omstandigheid dat een erfgenaam ten behoeve van de nalatenschap optreedt in een procedure, niet zonder meer meebrengt dat hij zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam gedraagt.  Dat optreden kan immers ook als een daad van beheer worden uitgelegd. Ook in dit verband hangt het van de omstandigheden af, of door dat optreden de erfgenaam zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam heeft gedragen.”

Het hof volgens de Hoge Raad noch een onjuist, noch een onbegrijpelijk oordeel gegeven. Door  met name betekenis toe te kennen aan de stellingname van de erfgenamen in de verzetdagvaarding, hun verweer ter comparitie in eerste aanleg. Uit die feiten en omstandigheden kan– zoals het hof ook had geconstateerd – worden afgeleid dat de erfgenamen meenden te kunnen blijven beschikken over de door zorgverzekeraar teruggevorderde bedragen. Overigens refereert De Hoge Raad in dit verband ook aan zijn arrest uit 1968 met het oordeel dat niet pas kan worden geoordeeld dat een erfgenaam de erfenis ondubbelzinnig en zonder voorbehoud heeft aanvaard als daarover bij de wederpartij geen enkele twijfel heeft bestaan.

Wanneer is er een daad van zuivere aanvaarding?

Eenduidige regels zijn er dus niet. De vraag of een bepaalde daad of gedraging een stilzwijgende aanvaarding kan opleveren is een rechtsvraag, maar in de praktijk is dat afhankelijk is van de waardering van de omstandigheden van het geval en daarmee in cassatie slechts op begrijpelijkheid is te toetsen.

Hier enkele voorbeelden van een zuivere aanvaarding:

Uit de voorbeelden hierna blijkt dat een beschikkingshandeling van een erfgenaam ten aanzien van de nalatenschap al spoedig wordt gekwalificeerd als een zuivere aanvaarding van de nalatenschap, waarna aan een latere verwerping van de nalatenschap geen betekenis meer kan toekomen.

Verhuur van de woning van erflater na haar overlijden aan een derde is geen daad van beheer. Door het aangaan van de huurovereenkomst door de erfgenaam is als heer en meester beschikt over goederen van de nalatenschap. Hof Arnhem-Leeuwarden 5 maart 2013,  CLI:NL:GHARL:2013:BZ4288.

De toe-eigening van sieraden en bankrekening van de nalatenschap geldt als zuivere aanvaarding van de nalatenschap omdat de erfgename aldus als heer en meester over goederen van de nalatenschap heeft beschikt. Hof Arnhem-Leeuwarden 26 februari 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:BZ2833, NJF 2013/174.

 Verkoop van de onderneming van erflater door een gevolmachtigde van erfgenamen, geldt niet als zuivere aanvaarding van de nalatenschap, omdat de erfgenaam zelf geen bemoeienis heeft gehad met de verkoop. De verwerping van de nalatenschap door de erfgenaam heeft daarom effect. Rb. ’s-Gravenhage 23 juni 2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BX2012.

 Verkoop van het appartement van erflater door erfgenaam wordt aangemerkt als “heer en meester” over de nalatenschap beschikken, zodat sprake is van zuivere aanvaarding van de nalatenschap. Rb. Utrecht 21 april 2010, ECLI:NL:RBUTR:2010:BM1877

Het leeghalen van de woning en het weggeven van inboedelgoederen van erflater gelden als zuivere aanvaarding van de nalatenschap, waarna verwerping van de nalatenschap door erfgenamen niet meer mogelijk is. Rb. Alkmaar 17 februari 2009, ECLI:NL:RBALK:2009:BI1984, Prg. 2009/119.

Of het optreden van een erfgenaam in een gerechtelijke procedure moet worden aangemerkt als een zuivere aanvaarding van de nalatenschap, hangt dus ook af van de omstandigheden, waaronder de procesopstelling van de erfgenaam. Het niet verschijnen na een dagvaarding wordt in beginsel niet als een daad van zuivere aanvaarding van de nalatenschap gezien. Het niet aanwenden van een rechtsmiddel tegen een verstekvonnis kan in beginsel niet als daad van aanvaarding worden aangemerkt. Van zuivere aanvaarding van de nalatenschap is in beginsel geen sprake indien de erfgenaam wel verschijnt, maar zich van ieder verweer onthoudt of zich aan het oordeel van de rechter refereert. Rb. Alkmaar 29 juni 1972, ECLI:NL:RBALK:1972:AC5248, NJ 1973/518 m.nt. DJV.

Uit het instellen van rechtsvorderingen die een erfgenaam toekomen, kan in beginsel een wil tot zuivere aanvaarding worden afgeleid.

Beneficiaire aanvaarding en vereffening van de nalatenschap

Als na enig onderzoek blijkt dat de boedel negatief is (de schulden overtreffen de baten)dan zijn de erfgenamen verplicht dit direct te melden aan de kantonrechter. Blijft die melding achterwege dan kunnen erfgenamen alsnog – ondanks de beneficiaire aanvaarding- door de schuldeisers in hun privé-vermogen worden aangesproken voor de schulden van de erfenis.

De beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap brengt rechtsgevolgen en procedurevoorschriften mee die in de wet staan omschreven. Dit is de wettelijke vereffening. De gezamenlijke erfgenamen die beneficiair hebben aanvaard zijn de vereffenaars. Zijn er meerdere erfgenamen die zuiver hebben aanvaard, terwijl één beneficiair heeft aanvaard, dan geld volgens de wet dat de wettelijke vereffeningsprocedure moet worden gevolgd. De wet bepaalt aan welke regels de vereffenaar zich dient te houden.
De belangrijkste verplichtingen van de vereffenaar vallen uiteen in verschillende fasen.

Boedelbeschrijving

Van de boedel van de nalatenschap dient binnen een redelijke termijn een beschrijving te worden gemaakt, waarin de baten en schulden worden opgenomen.

Ter inzage leggen

De boedelbeschrijving die aldus is gemaakt moet ter inzage worden gelegd op het kantoor van de notaris die de boedel namens de erfgenamen afwikkelt, of bij de griffie van de rechtbank. Dit heeft een controlefunctie en op die wijze kunnen alle schuldeisers en andere erfgenamen kennis nemen van de omvang van de boedel.
Voor eenvoudige nalatenschap kan ontheffing worden verleend van de verplichting tot ter inzagelegging van de boedelbeschrijving. Zij moeten die ontheffing vragen aan de kantonrechter.
Als na enig onderzoek blijkt dat de boedel negatief is (de schulden overtreffen de baten)dan zijn de erfgenamen verplicht dit direct te melden aan de kantonrechter. Blijft die melding achterwege dan kunnen erfgenamen alsnog – ondanks de beneficiaire aanvaarding- door de schuldeisers in hun privé-vermogen worden aangesproken voor de schulden van de erfenis.

Oproepen schuldeiser

Net als in een faillissement worden schuldeiseres opgeroepen, al of niet openbaar. Bekende schuldeisers krijgen een brief thuis en de rest wordt via een publicatie in de krant opgeroepen. Die vorderingen worden opgenomen op de lijst van vorderingen. De kantonrechter kan bepalen hoe wordt omgegaan met het oproepen van schuldeisers.

Lijst van vorderingen

Indien de kantonrechter geen ontheffing heeft verleend van de verplichting van de boedelbeschrijving, moet nadat alle schuldeisers zich hebben gemeld, een lijst van alle vorderingen en aanspraken op voorrang ter inzage worden gelegd op het kantoor van de boedelnotaris of bij de griffie van de rechtbank. De erfgenamen, schuldeisers en andere belanghebbenden krijgen aldus inzicht in de omvang van de boedel, maar ook van de aard en de omvang van de diverse schulden en baten. De schulden kunnen dan worden beoordeeld op juistheid en omvang. Sommige schulden worden direct erkend, maar soms worden deze betwist door erfgenamen of andere schuldeisers. De lijst van vorderingen wordt op een door de kantonrechter te bepalen wijze bekend gemaakt aan de belanghebbenden.

Uitkeringen doen aan schuldeisers

Zijn alle schuldeisers bekend, of melden zich binnen de door de kantonrechter gestelde termijn geen nieuwe schuldeisers meer, dan gaan de erfgenamen over tot uitdeling: Er is dan door de boedelbeschrijving en de opgestelde lijst van schuldeisers een beeld verkregen van de omvang van de erfenis en van de aanwezige schulden.

Rekening en verantwoording en uitdelingslijst

De kantonrechter kan bevelen dat de erfgenamen een rekening en verantwoording en een uitdelingslijst op het kantoor van de boedelnotaris of bij de griffie van de rechtbank ter inzage leggen. Ook kan de ter inzage legging worden gepubliceerd in de krant. Elke schuldeiser en erfgenaam kan hier kennis nemen van de omvang van de nalatenschap en welke schulden en de wijze waarop deze worden betaald. Bovendien geldt ook een door de wet gestelde rangregeling.
Sommige schuldeisers hebben voorrang boven andere. Op die wijze is er volledige transparantie voor alle belanghebbenden. Zijn schuldeisers of erfgenamen het niet eens met de voorgestelde uitdelingslijst, dan kunnen zij verzet aantekenen bij de kantonrechter.

De kantonrechter bepaalt dan vervolgens of de uitkering juist is of niet.
Hierna kunnen de gezamenlijke erfgenamen overgaan tot het voldoen van de erkende schuldeisers. Indien er een negatieve boedel is krijgen de schuldeisers die gelijk in rang zijn, net als in een faillissement, een uitkering naar rato van hun vordering.

Verdeling

Indien na betaling van alle schuldeisers nog een positief saldo bestaan, dan kan dit worden verdeeld onder de erfgenamen, naar rato van hun erfdelen.
Blijkt dat er een schuldeiser is overgeslagen dan kan deze meestal verhaal nemen op de erfgenamen, maar alleen op het aandeel dan aan de erfgenamen is uitgedeeld na de vereffening.

U bent erfgenaam; aanvaarden of verwerpen, of iets er tussenin?

Aanvaarding of verwerpen van een erfenis is definitief. U wil geen afstand doen van gratis geld, maar het aanvaarding van grote schulden wilt u ook voorkomen. De wet geeft de erfgenaam mogelijkheden om een goede keuze te maken.

Wat is aanvaarding van de nalatenschap?

Aanvaarding van een erfenis is eenvoudig. U hoeft er niets speciaals voor te doen. Door alleen al een daad van aanvaarding te plegen krijgt u de nalatenschap in handen (of een deel, als er meer erfgenamen zijn).

Gevolgen van aanvaarding van de nalatenschap

Maar wat betekent de aanvaarding van een nalatenschap? Tot die nalatenschap behoren vaak niet alleen goederen met een positieve waarde, maar ook schulden. Aanvaarding betekent dat u ook de schulden aanvaardt, met andere woorden, u neemt de verplichtingen jegens schuldeisers over. U moet dan die schulden ook betalen. Die schulden kunnen vaak betaald worden uit de liquidatie van positieve bestanddelen. Maar let op, als die positieve bestanddelen onvoldoende opbrengen om all e schulden te betalen, dan bent u voor de resterende schulden nog steeds aansprakelijk, alleen nu met het vermogen dat u zelf al had. Aanvaarding brengt u dan in een slechtere positie dan verwerping. Dit gevolg treedt al in door een daad van `zuivere aanvaarding´, zoals het gebruiken van een bankrekening op naam van de erflater.
Voor minderjarigen gelden bijzondere regels.

Daad van zuivere aanvaarding

U kunt dus per ongeluk zuiver aanvaarden indien u waardevolle spullen van de erflater mee naar huis neemt, een schuldeiser van de nalatenschap betaalt of geld opneemt van de rekening van de erflater. De wet bepaalt dat u hier een keuze hebt gemaakt, al is dat stilzwijgend en mogelijk ook ongewild.

Heeft u eenmaal de erfenis hebt aanvaard, dan kunt u alleen in een bijzonder geval op deze keuze terugkomen. Als u ook na een goed onderzoek geen hoge schulden aantrof, die wel blijken te bestaan, dan kunt u de rechter vragen om alsnog te bepalen dat u verwerpt. Als u geen onderzoek hebt gedaan naar het bestaan van die schulden kunt u niet op uw keuze terugkomen.

Door een daad van zuivere aanvaarding krijgt u dus de gehele nalatenschap in handen. Als u officieel wilt aanvaarden kun u ook een verklaring afleggen bij de griffie van de rechtbank of bij de notaris.

Maar als u dus na enig onderzoek vermoedt dat de erflater schulden had die mogelijk de baten overtreffen, dan aanvaard u dus liever niet. U wil dan misschien verwerpen. Hoe gaat dat?

Verwerpen van de erfenis

Door de erfenis te verwerpen krijgt u niets uit de nalatenschap, maar u bent ook niet aansprakelijk voor de schulden. De afwikkeling van de nalatenschap gaat geheel buiten u om. Een goede reden om te verwerpen is dat de nalatenschap meer schulden dan baten bevat. Een andere reden kan zijn dat u om emotionele redenen ( bijvoorbeeld ruzie met de overledene) niets met de nalatenschap te maken wil hebben.

Maar de reden kan ook zijn dat u andere erfgenamen wil bevoordelen, en u zelf geen behoefte hebt aan uw erfdeel.

De verwerping van de nalatenschap kan ook liggen in de reden dat u niet wil dat uw eigen schuldeisers verhaal nemen op het vermogen dat aldus aan u toekomst. Wat dit laatste betreft kan dat weer ongedaan worden gemaakt door de zogenaamde procedure van artikel 4:205 BW .

Verwerping van de nalatenschap en de legitieme portie

Voor de kinderen van een erflater is het echter ook bij verwerping mogelijk om toch een deel van de erfenis (in geld) te ontvangen. Zij hebben dus geen recht op fotoboeken en tafelzilver, maar kunnen toch een beroep doen op hun legitieme portie. Dit is te bereiken door tegelijkertijd met de verklaring van verwerping tevens te verklaren dat de erfgenaam aanspraak maakt op zijn legitieme portie. Als de erfgenaam na de verwerping alsnog een beroep wil doen op zijn legitieme portie is hij te laat.

De legitieme portie bedraagt de helft van het deel dat u volgens het wettelijk erfrecht zou hebben ontvangen. In de meeste gevallen is dit minder dan wanneer u niet zou verwerpen.

Let op: aangezien schenkingen aan afstammelingen en schenkingen aan derden van de laatste vijf jaar bij de berekening van de legitieme portie fictief “ingebracht” moeten worden, teneinde de omvang van de nalatenschap vast te stellen, kan dit uiteindelijk toch veel meer zijn dan aanvankelijk aanwezig lijkt te zijn; in sommige gevallen (bij grote schenkingen, bijvoorbeeld aan de andere kinderen) is dit zelfs meer dan het deel waar u als erfgenaam recht op zou hebben gehad. Het kan dus voordelig zijn om te verwerpen, en uw recht op de legitieme te behouden.

Wie krijgt uw erfdeel als u verwerpt?

Uw erfdeel gaat naar de andere erfgenamen in het testament, en als er geen testament is gaat uw erfdeel naar de wettelijke erfgenamen na u, bijvoorbeeld uw kinderen.

Hoe verwerpt u de nalatenschap?

Als u de erfenis wilt verwerpen, dan legt u een schriftelijke verklaring af bij de rechtbank. Dit kunt u ook met een volmacht via uw notaris regelen. Dan hoeft u niet zelf naar de rechtbank. Voor een verklaring bij de rechtbank betaalt u griffierechten.

De keuze is definitief

U kunt dus als erfgenaam de nalatenschap aanvaarden of verwerpen. Bij aanvaarding is de keuze definitief, bij verwerping evenzeer. De wet schrijft voor dat een eenmaal gedane keuze onherroepelijk is. Een aanvaarding of verwerping kan ook niet op grond van dwaling, of op grond van benadeling van een of meer schuldeisers worden vernietigd.

Stel dat u verwerpt, omdat vermoedt werd dat er aanzienlijke schulden zijn, die achteraf niet blijken te bestaan. U hebt u daarmee zelf benadeeld. Dat is een gevolg dat u liever wil voorkomen. De wet help u daarbij door de mogelijkheid van beneficiaire aanvaarding.

Beneficiair aanvaarden erfenis

De wet heeft een tussenweg gemaakt, de aanvaarding `onder voorbehoud´, de beneficiaire aanvaarding. Als u een erfenis beneficiair aanvaardt, krijgt u wel de erfenis maar bent niet aansprakelijk voor eventuele schulden. De belangrijkste reden voor deze keus is dat u vermoedt dat in de nalatenschap veel schulden zijn die niet kunnen worden voldaan uit de overige bestanddelen van de nalatenschap. Door beneficiaire aanvaarding behoudt u al uw rechten op aanvaarding, maar krijgt u ruim de tijd om eens goed uit te zoeken hoe het werkelijk zit met het vermogen.

De vereffeningsprocedure

Als er meerdere erfgenamen zijn, en een van erfgenamen beneficiair aanvaardt, dan moet de hele nalatenschap volgens bijzondere regels worden afgewikkeld door een zogenaamde vereffeningsprocedure. Dit geldt ook indien andere erfgenamen wel zuiver hebben aanvaard. De vereffeningsprocedure brengt meer werk mee omdat, net als in een faillissement, een nauwkeurige beschrijving moet worden gemaakt van de omvang van alle schulden en baten, en de waarde van de goederen. Dit is dus meer werk voor de erfgenamen dan bij zuivere aanvaarding en brengt extra kosten mee, omdat de procedure voor de rechtbank wordt uitgevoerd en afgewikkeld.

In de meeste gevallen help een notaris bij een boedelbeschrijving met een opsomming van alle schulden en het bezit in de nalatenschap. Daarna kunnen de erfgenamen schuldeisers betalen. Dit is de zogenaamde vereffening, net zoals in een faillissement. Wat resteert kunnen de erfgenamen verdelen. Kunnen niet alle schulden worden voldaan, dan hebben de schuldeisers pech. De erfgenamen zijn niet aansprakelijk voor die schulden. Meer over de vereffening leest u hier.

Beneficiair aanvaarden, hoe?

Als u beneficiair wilt aanvaarden, doet u dat door een verklaring af te leggen bij een notaris. Eenvoudiger en goedkoper is het via de rechtbank. Voor een verklaring bij de rechtbank betaalt u griffierechten.

Wie betaalt de uitvaartkosten?

De wet bepaalt weliswaar dat uitvaartkosten een boedelschuld van de nalatenschap zijn, maar in dat wetsartikel is niet bepaald dat als de uitvaartkosten door een derde worden betaald, de erfgenaam verplicht is om de uitvaartkosten aan die derde te vergoeden.

Een uitspraak van gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 18-09-2018 illustreert het belang van goed en tijdig advies bij het afwikkelen van een nalatenschap.

Erflaatster woonde samen met haar partner. Zij had één zoon, vermoedelijk uit een eerdere relatie. Erflaatster overlijdt, haar zoon is haar enige erfgenaam. De partner van erflaatster regelt de uitvaart en schakelt een uitvaartverzorgingsbedrijf in. Diens factuur laat hij onbetaald omdat niet hij maar de zoon van erflaatster erfgenaam is.

Uitvaartverzorger start procedure
De uitvaartverzorger start een procedure en vordert betaling van de factuur door de partner (opdrachtgever). De partner roept de erfgenaam in vrijwaring op. Hij vindt dat de uitvaartkosten voor rekening van de nalatenschap moeten komen. De partner wordt tot betaling van de factuur veroordeeld en de vordering van de partner op de erfgenaam wordt door de rechtbank slechts deels toegewezen. De partner gaat in hoger beroep.

Erfgenaam veroordeeld bij verstek
De erfgenaam verschijnt niet in hoger beroep en laat verstek gaan. Het hof buigt zich over de zaak en stelt vast dat de uitvaartkosten in principe een schuld van de nalatenschap zijn ex art. 4:7 lid 1 sub b BW. Dat wetsartikel bepaalt echter slechts wat de schulden van een nalatenschap zijn (en geeft een rangregeling), maar bevat geen ‘tot vergoeding verplichtende rechtsgrond’. Voor een dergelijke vergoedingsverplichting is een afzonderlijke rechtsgrond vereist.

Beoordeling in hoger beroep
Het gerechtshof overweegt simpel gezegd dat de rechtbank een onjuiste uitspraak heeft gedaan. De wet bepaalt weliswaar dat uitvaartkosten een boedelschuld van de nalatenschap zijn, maar in dat wetsartikel is niet bepaald dat als de uitvaartkosten door een derde worden betaald, de erfgenaam verplicht is om de uitvaartkosten aan die derde te vergoeden. Om de erfgenaam tot vergoeding van de uitvaartkosten aan die derde te kunnen veroordelen, is een aparte rechtsgrond vereist (bijv. gelegen in een overeenkomst, zaakwaarneming, ongerecht­vaardigde verrijking, enz.). Van een dergelijke rechtsgrond is in deze zaak niet gebleken, zodat de erfgenaam niet tot vergoeding van uitvaartkosten veroordeeld had kunnen worden.

Groot verschil doordat erfgenaam geen hoger beroep instelt
De partner komt er nog relatief goed van af. Doordat alleen hij hoger beroep had ingesteld, geldt als uitgangspunt dat de partner als gevolg van het door hemzelf ingestelde hoger beroep niet in een slechtere positie mag komen te verkeren ten op­zichte van de situatie zonder hoger beroep. Het hof volstaat daarom met een afwijzing van het hoger beroep. Zou de erfgenaam zelf ook hoger beroep hebben ingesteld, dan had dat tot vernietiging van de aangevallen uitspraak van de rechtbank kunnen leiden, met als gevolg dat de erfgenaam geheel geen vergoeding van uitvaartkosten had hoeven te betalen aan de partner van erflaatster.

Men gaat er doorgaans van uit dat uitvaartkosten nu eenmaal ten laste van de nalatenschap komen. Deze uitspraak laat zien dat dit geen vanzelfsprekendheid is. Door het tijdig inwinnen van advies kunnen dergelijke situaties (en procedures) vaak worden voorkomen.

Een nalatenschap aanvaarden (of niet)

Door zuivere aanvaarding erft u alle bezittingen en schulden van de nalatenschap. Dit betekent dat u ook met uw privévermogen aansprakelijk wordt voor de schulden van de nalatenschap.

Als erfgenaam heeft u de keuze om een nalatenschap te aanvaarden of te verwerpen. Als u verwerpt, krijgt u niets. Aanvaarding kan zuiver of beneficiair. Let wel: u kunt maar één keer een keuze maken! Na zuivere aanvaarding kunt u niet meer verwerpen (en omgekeerd)

Zuivere aanvaarding

Door zuivere aanvaarding erft u alle bezittingen en schulden van de nalatenschap. Dit betekent dat u ook met uw privévermogen aansprakelijk wordt voor de schulden van de nalatenschap. Het voordeel van zuivere aanvaarding is dat een positieve nalatenschap erg eenvoudig afgewikkeld kan worden door de erfgenamen. De nalatenschap hoeft namelijk niet te worden vereffend (zie hierna).

Beneficiaire aanvaarding

Beneficiaire aanvaarding betekent dat u de nalatenschap aanvaardt ‘onder het voorrecht van een boedelbeschrijving’. Hier wordt vaak voor gekozen als men vermoedt dat de nalatenschap veel schulden bevat. Door beneficiair te aanvaarden, wordt u niet aansprakelijk met uw privévermogen. Schuldeisers kunnen zich alleen verhalen op de bezittingen van de nalatenschap. De keerzijde is dat de nalatenschap in principe (behoudens enkele uitzonderingen) moet worden vereffend en volgens wettelijke regels moet worden afgewikkeld. Dat is bij zuivere aanvaarding niet het geval.

Stilzwijgend aanvaarden?

Voor beneficiaire aanvaarding of verwerping dient u een verklaring af te leggen bij de griffie van de rechtbank. Voor zuivere aanvaarding geldt dat niet. Maar dat betekent ook dat u door feitelijke handelingen een nalatenschap stilzwijgend zuiver kunt aanvaarden!

Indien u zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam gedraagt, bepaalt de wet dat u de nalatenschap daardoor zuiver aanvaardt. Daarvan kan al sprake zijn wanneer u de bankpas van uw overleden vader of moeder gebruikt voor het voldoen van bepaalde kosten. Gaat u daarna richting rechtbank (of notaris) om de nalatenschap beneficiair te aanvaarden, dan blijft dat zonder rechtsgevolg. U heeft immers al zuiver aanvaard en zoals gezegd kan die keuze slechts één keer gemaakt worden. Eenmaal zuiver aanvaard kunt u niet alsnog beneficiair aanvaarden of verwerpen.

Een wetswijziging in 2016 biedt overigens extra bescherming aan een erfgenaam die zuiver heeft aanvaard en daarna onverwachts geconfronteerd wordt met onbekende schulden.

Bron: Actuele Artikelen                                                   

erfgenaam: wat is een verklaring van erfrecht

Een verklaring van erfrecht beschrijft kort gezegd wie de overledene is overleden, of deze een testament heeft gemaakt en wat er in dat testament is beschreven. De notaris stelt meteen vast of er een vruchtgebruik geldt ten aanzien van de nalatenschap. Voorts is er een opsomming van de bekende erfgenamen van de overledene en wie is aangewezen om de nalatenschap af te wikkelen.

De verklaring  wordt opgemaakt door een notaris, die alle gegevens opzoekt en controleert. De notaris heeft soms enige tijd nodig om alle erfgenamen te achterhalen. Nadat alle gegevens zijn gecontroleerd geeft de notaris deze af aan de erfgenaam die daarom vraagt.

Waar toe dient een verklaring van erfrecht?

Een verklaring van erfrecht kan dienen om de erfgenamen of de executeur handelingen te verrichten die voorheen alleen de overledene kon doen, zoals het beschikken over een bankrekening. Een bank blokkeert doorgaans na het overlijden de rekening van de rekeninghouder, maar vragen een verklaring van erfrecht indien erfgenamen toch betalingen willen doen. Nadat een verklaring van erfrecht is afgegeven, kunnen de erfgenamen weer over de zogenaamde ervenrekening beschikken.

Andere instanties en organen vragen eveneens om een verklaring van erfrecht. Zoals gemeenten of uitvoeringsorganisaties, bijvoorbeeld in het kader van Persoonsgebonden Budget, pensioen of volksverzekering, of bewind over het vermogen van een erfgenaam.

Soms is  verklaring van erfrecht niet nodig

Zolang een organisatie, die door de erfgenamen wordt benaderd uit naam van de overledene, niet om een verklaring van erfrecht vraagt, is het niet nodig een verklaring van erfrecht te laten opmaken.

Sinds 2012 geldt dat op bepaalde voorwaarden geen verklaring van erfrecht nodig is voor handelingen met de bankinstelling. Deze voorwaarden zijn:

  • Er is een langstlevende partner (echtgenoot/echtgenote of geregistreerde partner) en eventueel kinderen;
  • De overledene heeft geen testament opgesteld;
  • Het totale banksaldo van de overledene is lager dan € 100.000In zo`n geval zal de bank geen verklaring van erfrecht vragen, maar dient de langstlevende partner een vrijwaringsverklaring tekenen, zodat de bank niet aansprakelijk kan worden gesteld voor de (juridische en fiscale) gevolgen van het vrijgeven van de bankrekeningen.

    Door het tekenen van deze verklaring ligt de verantwoordelijkheid van het vrijgeven van de bankrekeningen niet bij de bank, maar bij de langstlevende. Als de erfenis negatief is (omdat er veel schulden zijn) biedt de getekende verklaring bij de bank geen bescherming. De verklaring van erfrecht biedt deze bescherming wel omdat je beneficiair kunt aanvaarden.

    Maakt een en/of rekening deel uit van de nalatenschap, dan mag de bank die rekening niet blokkeren. De bank hoeft echter niet mee te werken aan de tenaamstelling van zo`n en/of rekening. Daarvoor zal een bank wel een verklaring van erfrecht vragen.

    Voor een verklaring van erfrecht kunnen de erfgenamen zich wenden tot de notaris. Elke notaris hanteert zijn eigen tarief omdat de tarieven van notarissen vrij zijn.
    Het is nuttig om vooraf de noodzaak van de verklaring van erfrecht goed te onderzoeken, en daarna om de prijzen van verschillende notarissen te vergelijken alvorens een notaris opdracht te geven.

Is een niet-erkend kind erfgenaam?

Een vader die een kind kreeg, maar deze door omstandigheden niet heeft erkend, blijft de natuurlijk vader van het kind. De wet bepaald nu eenmaal wie een kind is, ongeacht erkenning.

De wet bepaald echter ook in Artikel 199 Burgerlijk Wetboek Boek 1 dat, voorzover het niet in een huwelijk of geregistreerd partnerschap is geboren, de vader van kind alleen diegene is die het ook heeft erkend.

Een kind dat wel is erkend heeft een andere positie dan een niet erkend kind. Onder andere erft dat kind van de vader. Indien de vader overlijdt, en er geen testament is, is het wettelijk erfrecht van toepassing. Dit houdt dit in dat de gehuwde partner de wettige kinderen erfgenamen zijn.

Een vader en een niet- erkend kind kunnen van elkaars bestaan niet afweten. Weten zij wel van elkaars bestaan dan is het nuttig om hun rechtspositie te kennen bij overlijden van de vader. Een biologische kind, buiten een huwelijk of geregistreerd partnerschap geboren, en niet erkend door de vader, zou dan ook mede-erfgenaam kunnen zijn. Het kind erft voort een gelijk deel, als ware het een wel erkend kind.

Voorwaarde daarvoor is de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap, hetgeen tegenwoordig bewijs middels een DNA test vraagt. Als de vader het kind kent, maar door omstandigheden toch niet wenst dat dit natuurlijk kind ook mede-erfgenaam wordt dan kan de vader een testament maken. Het kind kan weliswaar niet geheel worden onterfd en het kind heeft, na vaststelling, altijd recht op tenminste de legitieme portie. Dit is het deel dat volgens de wet aan onterfde kinderen toekomt. De legitieme portie bedraagt de helft van de waarde van het deel van de erfenis waar een kind volgens het wettelijk erfrecht recht op zou hebben, vermeerderd met de waarde van bepaalde door de erflater gedane giften.

De wet bepaalt echter ook dat de legitieme portie binnen vijf jaar na overlijden van de vader moet worden opgeëist. Het maakt daarbij niet uit of het kind wel of niet op de hoogte was van persoon van de vader of zijn overlijden. De termijn gaat dus altijd lopen en eindigd na 5 jaren. bna het overlijden. Een kind dat de vader dus niet kent, of geen kennis draagt van zijn overlijden, loopt de boot dus mis.

Naast redenen van persoonlijke aard is het dus ook om die reden nuttig om onderzoek naar het vaderschap te doen, en tijdig de gerechtelijke vaststelling te vragen en een beroep te doen op een kindsdeel of de legitieme portie.

Voor meer informatie kunt u een vraag stellen of bellen met 0900-0600.

Criminele erfenis riskant

Erven van een crimineel komt vaker voor dan je denkt. Voor zowel erfgenaam als notaris is het oppassen geblazen. „Voor je het weet word je vervolgd wegens witwassen”.

In het voorjaar van 2011 kwam een Amsterdamse drugscrimineel met geweld om het leven. Naast de handel in verdovende middelen streek hij jarenlang ten onrechte een bijstandsuitkering op. De gemeente probeerde na zijn dood het te veel aan uitbetaalde bijstand – ruim 125.000 euro – te verhalen op zijn erfgenamen. Het haalde niets uit dat de erfgenamen de nalatenschap officieel via de notaris beneficiair aanvaard hadden, wat betekent dat zij niet voor eventuele schulden aansprakelijk kunnen worden gehouden. Want in de rechtzaak die volgde liet de rechter ondermeer meewegen dat de moeder voor die tijd al rondreed op de scooter van haar overleden zoon die zij ook nog op haar naam had laten zetten.

“Criminele erfenis riskant” verder lezen